Juridisch Instrument

BPM Bezwaar Generator

Genereer een juridisch onderbouwd bezwaarschrift wanneer de Belastingdienst uw aangifte weigert te accepteren.

Art. 26 lid 2 AWR Art. 110 VWEU HR 2023:440 HvJEU C-437/12

Wanneer gebruikt u dit instrument?

De Belastingdienst hanteert een gestandaardiseerde werkwijze waarbij belastingplichtigen onder druk worden gezet hun BPM-aangifte in te trekken en opnieuw in te dienen via een duurdere methode. Deze generator stelt u in staat direct bezwaar in te stellen tegen de eigen aangifte, met volledige juridische onderbouwing.

Standpunt ROTA

Een uitvoeringsregeling staat niet boven Europees recht

De Belastingdienst hanteert een gestandaardiseerde werkwijze die erop neerkomt dat importeurs van gebruikte voertuigen worden gedwongen een duurdere aangiftemethode te hanteren dan de methode waarvoor zij op grond van de wet hebben gekozen. De gronden die daarvoor worden aangevoerd zijn steeds dezelfde: het schadepercentage klopt niet, de koerslijst is onvolledig, de referentievoertuigen kloppen niet. Geen van die gronden is onderbouwd met eigen onderzoek. Geen van die gronden leidt tot een voor bezwaar vatbare beschikking. Het is informele druk, buiten de wet om.

De juridische werkelijkheid is een andere. Artikel 110 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie verbiedt lidstaten om op ingevoerde producten een hogere belasting te heffen dan op vergelijkbare binnenlandse producten. Dit is primair EU-recht. Het heeft rechtstreekse werking. Het gaat voor op elke nationale wet, elke uitvoeringsregeling en elk beleidsbesluit. Altijd.

Een uitvoeringsregeling die belastingplichtigen dwingt een methode te gebruiken die structureel tot hogere uitkomsten leidt dan de werkelijke marktwaarde van het voertuig, is in strijd met artikel 110 VWEU. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 24 maart 2023 (ECLI:NL:HR:2023:440) bevestigd dat de inspecteur uit eigen beweging had moeten onderkennen dat zijn berekening in strijd was met EU-recht. Niet de belastingplichtige had dat moeten aantonen. De inspecteur had dat zelf moeten doen.

Nederland heeft bij het Hof van Justitie van de Europese Unie tientallen BPM-procedures verloren. De kern van al die zaken is dezelfde: de BPM-systematiek leidt structureel tot overkill bij de heffing op ingevoerde tweedehands voertuigen. Desondanks wordt de druk op belastingplichtigen opgevoerd in plaats van verminderd.

Op 18 maart 2026 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in drie uitspraken (ECLI:NL:RVS:2026:1320, 1321 en 1322) geoordeeld dat de RDW niet automatisch de hoogste CO2-waarde uit een meetbandbreedte mag registreren wanneer geen exacte waarde beschikbaar is. De Afdeling stelde vast dat dit handelen in strijd is met het Europese systeem van typegoedkeuring. Het belang voor de BPM-praktijk is direct: een te hoge CO2-registratie leidt immers tot een hogere BPM-grondslag op het ingevoerde voertuig dan rust op vergelijkbare binnenlandse voertuigen met de correcte CO2-waarde. Daarmee is de verbinding met artikel 110 VWEU onmiddellijk gelegd.

ROTA is van mening dat deze praktijk niet alleen onrechtmatig is jegens de individuele belastingplichtige, maar ook een structurele schending vormt van artikel 110 VWEU door het Koninkrijk der Nederlanden als lidstaat van de Europese Unie. Elke belastingplichtige die gedwongen wordt tot gebruik van de forfaitaire tabel of de koerslijst terwijl hij recht heeft op de taxatiemethode, is een slachtoffer van die schending. En elke klacht die bij de Europese Commissie wordt ingediend, vergroot de kans dat Nederland formeel ter verantwoording wordt geroepen.

1

Hoedanigheid

Particulier Ik / mij / mijn
Bedrijf / Handelaar Wij / ons / onze
2

Uw gegevens

3

Weigeringsgronden Belastingdienst

Selecteer de gronden die de Belastingdienst heeft aangevoerd. Per grond wordt de volledige juridische weerlegging opgenomen.

Schadepercentage hoger dan 31%
BD stelt dat maximaal 31% waardevermindering is toegestaan
Weerlegging: Bijlage I art. 3.5 UR BPM staat hogere aftrek uitdrukkelijk toe bij voldoende onderbouwing door de taxateur, dan wel indien de taxatiewaarde niet lager uitkomt dan de inkoopprijs incl. BTW en BPM. BD heeft niet onderzocht of aan die voorwaarden is voldaan.
Jurisprudentie: HR 12 mei 2023, ECLI:NL:HR:2023:692; UR BPM 1992 Bijlage I art. 3.5
Overige waardevermindering zonder onderbouwing
BD betwist een waardeverminderingspost als onvoldoende onderbouwd
Weerlegging: De inspecteur is op grond van HR 2023:440 verplicht het taxatierapport inhoudelijk te beoordelen. Een blote betwisting zonder specificatie van welk onderdeel is getoetst en op welke grond, voldoet niet aan de onderzoeksplicht.
Jurisprudentie: HR 24 maart 2023, ECLI:NL:HR:2023:440
Factuur vermeldt schadevrij
BD voert aan dat de inkoopfactuur het voertuig als schadevrij vermeldt
Weerlegging: Een inkoopfactuur is een verkoopverklaring en geen onafhankelijke technische beoordeling. Schade kan zijn ontstaan na inkoop en voor de RDW-goedkeurdatum. Bepalend moment is de goedkeurdatum RDW (art. 10 lid 2 Wet BPM). De taxateur heeft op dat moment een gedegen fysieke opname verricht.
Jurisprudentie: KG:013:2023:8 (Kennisgroep Belastingdienst); art. 10 lid 2 Wet BPM 1992
Koerslijst niet volledig / ontbrekende pagina's
BD stelt dat de koerslijstbijlage onvolledig is
Weerlegging: Een ontbrekende pagina in de koerslijstbijlage is een herstelbaar formeel gebrek. Op grond van het zorgvuldigheidsbeginsel (art. 3:2 Awb) is de BD gehouden om aanvulling te verzoeken alvorens de aangifte te verwerpen. Het gebrek rechtvaardigt geen gedwongen herindienen.
Jurisprudentie: art. 3:2 Awb; ABRvS 18 maart 2026, ECLI:NL:RVS:2026:1320
Referentievoertuigen komen niet overeen
BD stelt dat de in het rapport gebruikte referenties niet aansluiten
Weerlegging: De BD specificeert niet welke referenties zij hanteert, op welke basis en op welk punt zij afwijken. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft bevestigd dat het RDW kentekenregister de geldige grondslag vormt voor gelijksoortigheidstoetsing. BD dient haar eigen referentieanalyse over te leggen (art. 8:42 Awb).
Jurisprudentie: ABRvS 18 maart 2026, ECLI:NL:RVS:2026:1320 / 1321 / 1322; art. 8:42 Awb
Geen schade aangetoond op foto's
BD stelt dat de fotodocumentatie geen schade aantoont
Weerlegging: Zonder contra-expertise door een onafhankelijke instantie (DRZ of vergelijkbaar) kan de BD niet volstaan met visuele beoordeling van foto's. Foto's zijn slechts een onderdeel van het bewijs. De taxateur heeft een gedegen fysieke opname verricht. BD dient een eigen fysiek tegenonderzoek te overleggen.
Jurisprudentie: HR 2 februari 2024, ECLI:NL:HR:2024:147, r.o. 3.6.1
Mededeling afkomstig van onbevoegde medewerker
De mededeling is niet ondertekend door de bevoegde inspecteur maar door een medewerker naheffing BPM
Weerlegging: Een medewerker naheffing BPM heeft geen wettelijk mandaat om een aangifte ongeldig te verklaren, een naheffingsaanslag op te leggen of het fiscaal akkoord te weigeren. De beschikkingsbevoegdheid berust uitsluitend bij de inspecteur in de zin van artikel 11 AWR. Optreden buiten dit mandaat heeft geen rechtsgevolg en levert een zelfstandige grond op voor een klacht ex artikel 9:1 Awb.
Grondslag: art. 11 AWR; art. 10:1-10:3 Awb (mandatering); art. 9:1 Awb (klachtrecht)
4

Uw bezwaarschrift

Gekopieerd!
Let op: Dit instrument genereert een juridische template op basis van bekende weigeringsgronden en actuele jurisprudentie. Raadpleeg voor uw specifieke dossier altijd een BPM-specialist of jurist. ROTA aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de toepassing van dit bezwaarschrift in individuele dossiers.
5

Bezwaar eigen aangifte (gedwongen methode)

Wanneer? Als u bent gedwongen de forfaitaire tabel of koerslijst te gebruiken en u heeft betaald om het kenteken te krijgen. Dien dit bezwaar in binnen 6 weken na betaaldatum bij Belastingdienst, Postbus 3, 6400 AA Heerlen.
Forfaitaire tabel
Forfaitaire tabel
Koerslijst
Forfaitaire tabel of koerslijst
Nee, volledig gemotiveerd
Nee, volledig gemotiveerd
Ja, pro forma (gronden volgen)
!

Klacht: aangifte geweigerd door medewerker

Een medewerker heeft geen bevoegdheid om een aangifte BPM te weigeren of het fiscaal akkoord te blokkeren. Alleen de inspecteur (art. 11 AWR) mag dat, via een formele naheffingsaanslag. Gebruik dit instrument als een medewerker de verwerking weigert.
Uw recht als EU-burger of EU-ondernemer

Dien een klacht in bij de Europese Commissie

Wordt u gedwongen de forfaitaire tabel of koerslijst te gebruiken terwijl u recht heeft op de taxatiemethode? Dan kunt u als EU-burger of ondernemer een formele klacht indienen bij de Europese Commissie wegens schending van artikel 110 VWEU door Nederland. Het is gratis, online en u ontvangt altijd een officieel registratienummer.

1
Ga naar het officiële klachtenformulier van de Europese Commissie

Iedereen kan een schending van EU-recht door een lidstaat melden bij de Commissie. U hoeft geen advocaat of jurist in te schakelen. Het formulier is beschikbaar in het Nederlands en alle andere EU-talen.

Naar het klachtenformulier →
2
Gebruik onderstaande tekst als basis voor uw klacht

Kopieer de tekst hieronder en plak deze in het klachtenformulier. Vul uw eigen dossiergegevens aan op de aangegeven plaatsen. De tekst is in het Engels omdat de Commissie Engels als werktaal hanteert, maar u mag ook in het Nederlands indienen.

Klachttekst — kopieer en plak
I am submitting this complaint against the Kingdom of the Netherlands regarding the systematic application of national BPM (belasting van personenauto's en motorrijwielen, registration tax) regulations in a manner incompatible with Article 110 of the Treaty on the Functioning of the European Union (TFEU). The Netherlands Tax Authority (Belastingdienst) is applying a standardised administrative practice whereby importers and buyers of second-hand vehicles from other EU Member States are pressured to withdraw validly submitted tax declarations based on individual vehicle appraisals (taxatierapport) and to resubmit declarations using a higher-cost method (forfaitaire tabel or koerslijst). This results in a structurally higher tax burden on imported used vehicles compared to similar domestically registered vehicles, in direct contravention of Article 110 TFEU. The legal basis for this complaint: - Article 110 TFEU prohibits Member States from imposing on products from other Member States any internal taxation in excess of that imposed on similar domestic products. - The Court of Justice confirmed in C-437/12 (X, 19 December 2013) that registration tax on an imported used vehicle may not exceed the residual amount of that tax incorporated in the value of similar vehicles already registered in the Member State. - The Hoge Raad (Dutch Supreme Court) confirmed in ECLI:NL:HR:2023:440 (24 March 2023) that the tax inspector bears the duty to verify ex officio whether the BPM assessed exceeds this residual amount, and must apply the most favourable calculation method without requiring the taxpayer to prove this. - The Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (highest administrative court) ruled on 18 March 2026 in three judgments (ECLI:NL:RVS:2026:1320, 1321, 1322) that the RDW (Dutch vehicle registration authority) may not automatically register the highest CO2 value from a measurement bandwidth when no exact value is available. The court held this practice to be contrary to the European type approval system (Directive 2007/46/EC). Since CO2 directly determines the BPM amount, systematically inflated CO2 registrations on imported vehicles result in BPM charges exceeding those on comparable domestic vehicles, constituting a further structural breach of Article 110 TFEU. - The current administrative practice directly contradicts this duty: inspectors deny access to the appraisal method without conducting any analysis of whether this leads to excess taxation, and instead pressure taxpayers into methods that structurally exceed the EU-law ceiling. [PERSONAL DETAILS: Please add your declaration number, vehicle details, grounds invoked by the tax authority, and the approximate BPM amount at issue.] I respectfully request the Commission to examine whether this systematic practice constitutes a structural breach of Article 110 TFEU by the Kingdom of the Netherlands and to consider initiating infringement proceedings under Article 258 TFEU.
3
Vul het formulier in met de juiste gegevens
Lidstaat: Netherlands / Koninkrijk der Nederlanden
Betrokken EU-recht: Article 110 TFEU (motor vehicle taxation)
Bevoegde afdeling: DG TAXUD — Taxation and Customs Union
Type schending: Administrative practice incompatible with primary EU law
Vertrouwelijkheid: U mag uw naam vertrouwelijk laten houden
4
Bewaar uw registratienummer (CPLT-nummer)

Na indiening ontvangt u een bevestiging met een CPLT-registratienummer. Bewaar dit nummer. U kunt het vermelden in correspondentie met de Belastingdienst als bewijs dat de kwestie bij de Europese Commissie is aangemeld.

Klacht indienen bij de Europese Commissie →
Gratis • Online • Officieel registratienummer • Vertrouwelijk mogelijk • Beschikbaar in het Nederlands